Portret van een woordenaar: Cornelis Kiliaan

In 1599 voltooide Cornelis Kiliaan na jaren studie en geduldig monnikenwerk het Etymologicum Teutonicae lingua, het eerste verklarende woordenboek van de Nederlandse taal. Dit unieke boek betekende de grondslag van de Nederlandse lexicografie. Vanaf zaterdag kan je in Antwerpen terecht voor een tentoonstelling rond de figuur van Kiliaan. ‘Portret van een Woordenaar’ schetst zijn boeiende levensverhaal en geeft een overzicht van de geschiedenis van het woordenboek.


Op 15 april 2007 was het precies 400 jaar geleden dat Cornelis Kiliaan (ca. 1530-1607) overleed. Dit was een aanleiding voor de Provincie Antwerpen en de onderzoeksgroep Boekwetenschap van de Universiteit Antwerpen om deze grote, maar relatief onbekende taalkundige uitgebreid te herdenken en hem zijn verdiende eerbetoon te geven. Met ‘Portret van een woordenaar. Cornelis Kiliaan en het woordenboek in de Nederlanden’ opent op 10 november een grote overzichtstentoonstelling in de Antwerpse Fabiolazaal, meteen ook het hoogtepunt van het Kiliaanjaar.

De bloei van Antwerpen als handelsstad in de 16de eeuw en de daarbij horende internationale contacten deden ook de vraag naar vertaalwoordenboeken stijgen. Door de vele ontdekkingsreizen leek de wereld een beetje kleiner te worden en namen de contacten met andere talen en culturen Рzowel oude als eigentijdse Рsteeds meer toe. Vertaalwoordenboeken werden dus een veelgevraagd item. Zo verschenen er bij de drukkerij van Christoffel Plantijn, de grote Antwerpse drukker, tijdens diens carri̬re meer dan 30 verschillende woordenboeken.

Het was deze befaamde Plantijn die Kiliaan, die als proeflezer in de drukkerij werkte, de opdracht gaf om woordenboeken voor het Nederlands samen te stellen. Een eerste aanzet was de Thesaurus Theutonicae linguae (1573), een vertaalwoordenboek dat vertrok vanuit het Nederlands en waaraan Franse en Latijnse equivalenten toegevoegd werden. Dit boek verscheen anoniem maar het staat vast dat Kiliaan hieraan meewerkte. Met de goedkeuring van Plantijn publiceerde Kiliaan daarna in 1574 een Nederlands-Latijns woordenboek. Dit Dictionarium Teutonico-Latinum was met 12.000 ingangen nog redelijk beknopt van opzet.

Kiliaan zou het woordenboek voor de rest van zijn leven blijven uitbreiden en verbeteren. In 1588 had hij een tweede editie van zijn woordenboek klaar, die bijna driemaal zo omvangrijk was als de eerste. In 1599 verscheen de derde uitgave, het Etymologicum Teutonicae linguae. Na meer dan veertig jaar woorden verzamelen, corrigeren, aanvullen, doorstrepen en herschrijven, realiseerde hij met dit boek het eerste moderne Nederlandse woordenboek. Het zou tot het einde van de achttiende eeuw het standaardwerk voor de Nederlandse woordenschat blijven.

Als ‘woordenaar’ of woordenboekenmaker, registreerde Kiliaan niet enkel woorden, maar bepaalde ook mee hoe het Nederlands er in de toekomst uit zou zien. Zo schreef Kiliaan bij bepaalde woorden dat ze “vetus” of verouderd waren, en bijgevolg liever niet te gebruiken. Van sommige woorden vond hij dan weer dat ze te veel tot de streektaal behoorden om als volwaardig Nederlands beschouwd te worden en bij andere woorden duidde hij ook aan of ze – bij twijfel over het gebruik – dan wel of niet verkozen moesten worden over andere synoniemen. Andere woorden duiken dan weer voor het eerst op en krijgen hierdoor een eerste officiële registratie als lid van de Nederlandse woordenschat.

Aan de hand van authentieke exemplaren en allerhande archiefdocumenten toont de tentoonstelling ‘Portret van een woordenaar’ het ontstaan van Kiliaans woordenboeken: hoe hij de woordenlijsten samenstelde, manueel verbeterde en aanvulde, om na meer dan veertig jaar studie het ‘Etymologicum’ te kunnen uitgeven. Hierbij wordt ook aandacht besteed aan het culturele en humanistische klimaat van de 16de eeuw, het belang van het toenmalige taalonderwijs in Antwerpen en aan de werkwijze in de drukkerij van Christoffel Plantijn. De kern van de tentoonstelling is echter het ontstaan en de evolutie van het woordenboek, waarin Kiliaan een prominente rol speelde. De hele geschiedenis, van de oudste handschriften met Latijnse woordenlijsten tot en met het Algemeen Nederlands Woordenboek, dat enkel nog op het internet zal verschijnen, komen dan ook aan bod.

Praktisch: ‘Portret van een woordenaar’, van 10 november t.e.m. 6 januari 2008, in de Koningin Fabiolazaal (Jezusstraat 28, Antwerpen). Maandag gesloten.
Meer info: www.corneliskiliaan.be

Share

Geen reacties

Reageer