Merovingische graven op de Krokegemseweg in Asse

Asse_Merovingisch2klein.JPGIn de laatste fase van de opgravingen van de KULeuven te Asse-Krokegemseweg kwamen er een aantal Merovingische inhumatiegraven te voorschijn, waarvan er in totaal acht konden worden onderzocht. Als bijgaven werden voornamelijk aardewerk en kralen uit barnsteen en glaspasta aangetroffen. Eerder werd langs de Krokegemseweg ook al een bijzonder goed bewaard Romeins pottenbakkersatelier opgegraven door het team van Kristine Magerman en Ruben Pede.


Asse_Merovingisch1.JPGDe zeven graven aan de zuidwestelijke rand van het opgravingsterrein waren in twee rijen aangelegd. Eerder was al een graf aan het licht gekomen in het centrum van het opgravingsareaal. In de nabijheid van dit graf werd een losse Merovingische kraal aangetroffen. Mogelijk werden heel wat graven recent vernield bij de aanleg van de verkavelingswegen en de andere infrastructuurwerken voor de verkaveling. Alle graven hadden een NNO-ZZW oriëntatie. Ze werden afgelijnd door een fijne, blauwgrijze band die als het restant van de lijkkist beschouwd kan worden (foto links). Ook de kuil waarin de kist geplaatst werd, was in de meeste gevallen nog herkenbaar. Bij twee graven waren ook de houten dwarsbalkjes zichtbaar waarop de kist had gerust. De skeletten van de overleden personen waren niet bewaard gebleven maar binnen vier kisten waren wel vage sporen te herkennen van een lijkschaduw. Bij twee graven werden ook nog broze stukjes bot van de grote beenderen aangetroffen.

In de graven werd heel wat archeologisch materiaal gevonden. In totaal werden er 5 intacte potten aangetroffen (klik op de foto rechtsboven om te vergroten). Vier ervan hadden een rolstempelversiering of een ingekrast patroon op het bovendeel van de pot. Eén knikpotje was oxiderend gebakken en was niet versierd. Alle potten werden aan het voeteinde van de graven aangetroffen. Eén pot bevond zich in een apart kistje buiten de eigenlijke lijkkist.

Asse_Merovingisch3.JPGBehalve aardewerk werden er in totaal een 50-tal kralen in glas, glaspasta en barnsteen aangetroffen in verschillende vormen, grootten en kleuren (foto rechts). De kralen bevonden zich telkens ter hoogte van de hals en de onderarm. Ten slotte bevatten de graven nog verschillende tientallen ijzeren objecten. In sommige gevallen konden gespen en andere gordelelementen herkend worden. Omwille van de sterke corrosie bevinden de metalen voorwerpen zich in de conservatie- en restauratiefase en konden ze nog niet geïdentificeerd worden. Mogelijk gaat het om wapens, kledingelementen en eventueel werktuigen of paardentuig. De karakteristieke vormen en versieringen van het aardewerk laten toe om de graven eerder in de 6de eeuw te dateren.

Op basis van de bijgaven kan vermoed worden dat er minstens drie vrouwengraven waren. Eén graf kan als een mannengraf beschouwd worden. Bij de andere vier graven kunnen geen uitspraken over het geslacht van de overledene gedaan worden. Vermoedelijk zijn de graven slechts een deel van het oorspronkelijke grafveld waarvan de oorspronkelijke omvang niet bepaald kon worden. Bewoningssporen uit deze periode werden in het opgravingsareaal niet aangetroffen.

De vondst van deze Merovingische graven is voor Asse van groot belang gezien er nog geen sporen van nà de Romeinse occupatie waren aangetroffen. De opgravingen worden momenteel afgesloten.

Het team van de Onderzoekseenheid Archeologie van de KULeuven dat de opgraving uitvoert staat onder leiding van archeologen Kristine Magerman en Ruben Pede en bestaat verder uit gemeentearbeiders, studenten Archeologie en vrijwilligers van de lokale archeologische vereniging, Agilas vzw. Het project staat onder supervisie van prof. Marc Lodewijckx. De opgravingen gebeuren in nauwe samenwerking met de Gemeente Asse en worden nagenoeg volledig gefinancierd door de bouwheer Villabouw Francis Bostoen nv.

Meer info: Kristine Magerman (Tel.: 0474/29.95.67)

Share

Geen reacties

Reageer