Archeologisch solidariteitsfonds krijgt vorm

Archeologisch solidariteitsfonds krijgt vorm

Na de definitieve goedkeuring van het nieuwe ontwerpdecreet onroerend erfgoed door de Vlaamse regering begin dit jaar, is het nu aan het Vlaamse parlement om zich te buigen over het decreet. Morgen vindt in de bevoegde commissie van het Vlaams parlement een hoorzitting plaats, waarin het ontwerpdecreet en het bijhorende uitvoeringsbesluit zal worden besproken. In dit uitvoeringsbesluit wordt ook het in het decreet voorziene solidariteitsfonds voor archeologisch onderzoek verder uitgewerkt.

Het ontwerpdecreet van Vlaams minister Geert Bourgeois bevat twee instrumenten om het principe ‘de verstoorder betaalt’ te milderen: het toekennen van premies bij buitensporige kosten voor verplicht archeologisch onderzoek en de oprichting van een archeologisch solidariteitsfonds. Het is de bedoeling om deze beide instrumenten daadwerkelijk in te zetten. Zo wil men tegemoet komen aan de bekommernis dat de kosten van archeologisch onderzoek in sommige gevallen de draagkracht van een bouwheer overstijgen, of buitensporig zijn in verhouding tot de omvang van het bouwproject.

Premies zullen slechts toegekend kunnen worden als een tussenkomst vanuit het solidariteitsfonds niet mogelijk is. Concreet is dit het geval bij bouwprojecten van particuliere personen en van kleine ondernemingen of verenigingen. Aangezien zij niet regelmatig als bouwheer optreden, kan van hen niet verwacht worden dat ze zich aansluiten bij en bijdragen betalen aan het archeologisch solidariteitsfonds. Indien de directe kost van het verplichte archeologisch onderzoek meer dan twee procent van het bouwproject inhoudt, treedt het premiesysteem in werking.

Overheden, organisaties en ondernemingen die regelmatig als bouwheer optreden, hebben er belang bij om lid te worden van het archeologisch solidariteitsfonds waarvoor het decreet de basis legt. De oprichting van het fonds, dat vervolgens door de Vlaamse Regering erkend en betoelaagd wordt, hangt af van de wil van voldoende aantal deelnemers om dit te doen. De Vlaamse Regering zal echter het nodige initiatief aan de dag leggen om de nodige partijen bij elkaar te brengen om dit fonds op te richten, stelt het uitvoeringsbesluit.

Het archeologisch solidariteitsfonds zou worden opgericht als een vereniging van publieke en private bouwheren die veel kans hebben om met archeologische verplichtingen geconfronteerd te worden. Door hun lidmaatschap van het fonds verbinden deze bouwheren er zich toe om, naast het betalen van een vast jaarlijks lidgeld, bij elke voorgenomen bouwactiviteit met bodemingreep een ‘provisie archeologie’ in het bestek in te schrijven (X % van de aanbestedingssom). Als er archeologische opgravingen zijn, dan wordt die som daarvoor gebruikt. Als er geen archeologische opgravingen nodig blijken, dan wordt deze som gestort in het fonds.

Bouwheren die met kosten voor archeologisch onderzoek geconfronteerd worden, kunnen een tussenkomst uit het fonds bekomen. Op die manier worden de kosten van archeologisch onderzoek gespreid over een zo groot mogelijk aantal bouwheren en bouwprojecten. De financiële soliditeit van het fonds wordt daarbij uiteraard voortdurend bewaakt door de deelnemers, en in de eerste plaats door het bestuur van het fonds.

Meer info: de hoorzitting zal morgen woensdag vanaf 10 u live te volgen zijn via deze link

Share

1 reactie

  1. Ingo Luypaert says:

    De titel van deze bijdrage is eerder ongelukkig gekozen. Vandaag tijdens de hoorzitting gaven zowel de vastgoedsector als de bouwsector aan bereid te zijn een solidariteitsfonds mee te helpen financieren in een relatie van één op één. Met andere woorden zijn zij bereid om 1 euro te investeren voor elke euro die de Vlaamse overheid ook bijdraagt.
    Tijdens de voorbereidende gesprekken gaf minister Bourgeois blijkbaar aan niet mee te willen stappen in dergelijke constructie omdat er op Vlaams niveau geen geld beschikbaar zou zijn.

Reageer