Boerderij uit de jonge steentijd ontdekt in Riemst

Archeologen van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) en de Zuid-Oost-Limburgse Archeologische Dienst (ZOLAD) hebben een volledige plattegrond ontdekt van een boerderij uit het vroege neolithicum. Het gebouw werd zowat 7000 jaar geleden opgetrokken door mensen van de bandkeramische cultuur. Dat waren de allereerste landbouwers in West-Europa. De vondst is belangwekkend, want in Limburg, maar ook in de rest van Vlaanderen, zijn dergelijke vroegneolithische dorpen immers nog maar zelden opgegraven.

Een vrijetijdsarcheoloog had eind juni enkele verkleuringen opgemerkt ter hoogte van de Toekomststraat in Riemst. Daar waren ontzodingswerkzaamheden aan de gang om een paardenpiste aan te leggen. De ZOLAD ging ter plaatse en bevestigde de observatie: op een oppervlakte van ongeveer 1500 m² werd een twintigtal archeologische sporen waargenomen. De vondst werd gemeld bij het Agentschap R-O Vlaanderen, dat het VIOE machtigde om de sporen te onderzoeken.

Het was al snel duidelijk dat de meeste sporen tot één grote structuur behoorden. De grote paalsporen, de enorme omvang van het gebouw (ca. 25 m bij 6,5 m), de standgreppels en de kuilen deden vermoeden dat het om een plattegrond van een bandkeramische boerderij ging. Dat werd bevestigd door enkele vondsten van handgevormd aardewerk met de typische versiering in banden en stroken waarnaar deze cultuur is genoemd, en van karakteristieke vuurstenen werktuigen. Al die sporen en resten zijn hier achtergelaten door de eerste prehistorische landbouwgemeenschappen die deze regio meer dan 7000 jaar geleden koloniseerden.

Bandkeramische huizen bestaan traditiegetrouw uit drie delen: het noordwestelijke deel, dat geïnterpreteerd wordt als een (extra) woonruimte of stalling, een middenruimte als woon-werkruimte en het zuidoostelijke deel als opslagruimte. Langs de huizen liggen kuilen die gegraven werden om leem te winnen en die daarna gevuld werden met huishoudelijk afval.

In de regio zijn dit soort huizen voornamelijk gekend van opgravingen op de Staberg in Rosmeer (Bilzen) en recentelijk van het vooronderzoek ter hoogte van het Lanakerveld (Maastricht). Deze plattegrond is dan ook het spreekwoordelijke topje van de ijsberg: het plateau waar de vindplaats deel van uitmaakt moet bezaaid liggen met dergelijke huisresten. De hele nederzetting is mogelijk een tiental hectare groot. Verder onderzoek kan dit in de toekomst uitwijzen, maar de eerste zorg van de archeologen is dat de archeologische site bewaard kan blijven. De zone met de huisplattegrond werd alvast weer afgedekt en eventuele toekomstige ingrepen in de bodem zullen eveneens archeologisch worden gevolgd.

Share

Geen reacties

Reageer