Romeinse sporen bij aanleg voetbalvelden in Drongen

De Gentse dienst Stadsarcheologie heeft bij opgravingen in deelgemeente Drongen sporen van menselijke activiteit uit de late ijzertijd en de Romeinse tijd ontdekt. De archeologen onderzochten een terrein waar voetbalvelden worden aangelegd. De stadsarcheologen konden een vijftal huisplattegronden en acht bijgebouwtjes of voorraadschuurtjes documenteren. Waarschijnlijk dateren ze alle uit de eerste eeuwen van onze jaartelling. De erven lagen langs een zes meter brede weg, die met grachten was afgeboord. In september wordt het onderzoek verdergezet.

Voor men met de aanleg van de voetbalvelden begon, had de Dienst Stadsarcheologie de tijd om de weilanden te onderzoeken. In juni werd met proefsleuven het terrein verkend. Enkele kuilen met aardewerk duidden op menselijke activiteit van in de late ijzertijd (vanaf 450 v.Chr.) en doorlopend tot in de Romeinse periode. Deze hoger gelegen droge kouterrug in de nabijheid van de Leie moet een aantrekkelijke plek geweest zijn voor kleine landbouwers. Ook in de middeleeuwen en later werd dit gebied intensief bewerkt. Door dit bewerken zijn heel wat sporen weggeploegd en konden enkel de diepste verstoringen waargenomen worden. Zones met kans op een goede bewaring en indicaties van sporen werden afgebakend en moesten volledig onderzocht worden. Op een deel van het terrein waren de grondlagen door het ploegen en de mollenactiviteit zo dooreen gewoeld dat er archeologisch niets meer te lezen viel. Deze zone werd archeologisch vrijgegeven.

De dragende palen van houtconstructies werden in de Romeinse periode tot in de lemige ondergrond ingegraven en bleven als zichtbare verkleuringen bewaard. Op deze manier konden de archeologen een vijftal huisplattegronden en acht bijgebouwtjes of voorraadschuurtjes documenteren. Waarschijnlijk dateren ze alle uit de eerste eeuwen van onze jaartelling. De huizen zijn in lengte alle zuidwest-noordoost georiƫnteerd, zijn 12 m lang en ongeveer 4,5 m breed. De best bewaarde plattegronden vertonen een rij van 3 of 4 nokstaanders met aan weerszijden op enige afstand een rij kleinere wandpalen. De bijgebouwtjes en voorraadschuurtjes waren eenvoudige 4- of 6-palige constructies. De erven lagen langs een 6 m brede weg met grachten afgeboord. Een kapotte Romeinse kruik werd in de gracht gegooid. De weg was niet verhard. Bij nat weer zakten de karrenwielen diep weg en lieten ze sporen na, die nu nog zichtbaar zijn.

Vijf artillerie-inslagen vertellen iets over de 20e eeuw. Het gaat om artilleriegranaten uit de Eerste Wereldoorlog, afgevuurd met een Frans Schneiderkanon (105 mm).

Gedurende de tweede helft van september 2009 wordt de parkingzone opgegraven en hopen de archeologen nog meer inzicht te krijgen in het landelijke bewoningspatroon rond het begin van onze jaartelling.

Bron: Stad Gent

Share

Geen reacties

Reageer